Gastouder opvang
Babbelina
Gastouder Bureau Gastouder Bureau

-   > Nieuws
-
|
Nieuws Contact Bookmark Sitemap



  • Kwaliteitseisen voor gastouders
  • Maximum uurtarieven kinderopvang 2008
  • Gastouderopvang in de belangstelling
  • 'Geen opvang voor tienduizend kinderen'
  • Minimumloon per 1 juli 2007 met 1,25 procent omhoog
  • Geen Opgaaf kinderopvangtoeslag 2006 meer
  • Minister De Geus: Kinderopvang volwassen geworden
  • Kinderopvang voor tachtig procent gezinnen goedkoper
  • Minister De Geus: Wet kinderopvang staat als een huis
  • 125 miljoen extra voor kinderopvang
  • Nieuwe regeling "diensten aan huis"
  • Maximum uurtarieven kinderopvang 2007
  • Minister De Geus: Kinderopvang volwassen geworden
  • Kinderopvang voor tachtig procent gezinnen goedkoper
  • Minister De Geus: Wet kinderopvang staat als een huis
  • 125 miljoen extra voor kinderopvang
  • Nieuwe regeling "diensten aan huis"
  • Maximum uurtarieven kinderopvang 2007
  • Minimumloon per 1 juli 2006 met 0,94 procent omhoog
  • Financieel voordeel ouders door verplichte werkgeversbijdrage kinderopvang
  • Een op de drie werknemers krijgt geen volwaardige wg-bijdrage kinderopvang
  • Werkgevers worden verplicht mee te betalen aan kinderopvang vanaf 2007
  • Dienstverlening aan huis
  • Hulp in en rond huis wordt goedkoper
  • Minister De Geus verwacht toename gebruik kinderopvang
  • Minister De Geus wil dat ouders meer eisen stellen aan kwaliteit kinderopvang
  • Extra geld voor kinderopvang gaat vooral naar ouders
  • Aantal werknemers met werkgeversbijdrage kinderopvang stijgt licht
  • De Geus: controle op kwaliteit kinderopvang wordt verscherpt
  • Fiscus geeft in 2006 Kinderopvangtoeslag
  • Deblokkeren spaarloon voor kinderopvang mag nu
  • Vooral werkgever heeft baat bij nieuwe Wet Kinderopvang
  • Werkdruk en ziekteverzuim centraal in nieuw Arboconvenant Kinderopvang



  • Kwaliteitseisen voor gastouders

    Gastouders moeten aan strengere eisen gaan voldoen. Ouders en instellingen in de kinderopvang willen daarmee afrekenen met gastouderbureaus die het imago van de sector schaden. Zij hebben daarover donderdag een convenant getekend.

    Het aantal opvangplaatsen voor kinderen bij gastouders neemt bijzonder snel toe. In de eerste helft van 2007 steeg het aantal kinderen dat opgevangen wordt door gastouders met 73 procent tot 73.600 kinderen.

    De groei ondermijnt echter de kwaliteit. Staatssecretaris Sharon Dijksma van Onderwijs heeft daarom op aanscherping van de regels aangedrongen.

    Controle
    "Sommige gastouderbureaus kunnen hun gastouders beter controleren. Ik heb goede hoop dat de kwaliteit met het convenant op niveau blijft", aldus Dijksma.

    Gastouderbureaus bemiddelen tussen de gastouders en ouders. Het gastgezin vangt maximaal vier kinderen thuis op.

    EHBO-cursus
    Ouderorganisatie BOinK en de sector, vertegenwoordigd door de MOgroep en de Branchevereniging ondernemers in kinderopvang, hebben afgesproken dat gastouders verplicht een EHBO-cursus gaan volgen.

    Ook moeten bureaus waarbij de gastouders zijn aangesloten vaker bij een gastoudergezin op bezoek. Daarnaast moet de gastouders pedagogische kennis en vaardigheden opdoen.

    Internet
    Vooral op internet opereren bureaus die het imago van de gerenommeerde gastouderopvang onder druk zetten, aldus BOinK, de MOgroep en de Branchevereniging. Deze bureaus zullen nu uit de sector worden geweerd.

    Eind vorig jaar heeft Dijksma 3 miljoen euro extra uitgetrokken om de controle van kinderdagverblijven en gastouderbureaus te verbeteren. Door de enorme groei in de kinderopvang hebben de GGD's moeite om alles te controleren.

    Bron: Nu.nl

    Maximum uurtarieven kinderopvang 2008

    Bj de invoering van de Wet kinderopvang per 2005 is gekozen voor  één maximum uurprijs vanaf 2008. Op basis van de wettelijke bepalingen bedraagt de maximum uurprijs voor dagopvang, buitenschoolse opvang en gastoudervang in 2008 € 6,10. De kinderopvangtoeslag voor ouders wordt verstrekt voor kosten tot de maximum uurprijs.

    Gastouderopvang in de belangstelling

    Gastouderopvang staat steeds meer in de belangstelling. Ook in de media komt het onderwerp steeds vaker aan de orde. De reden van deze aandacht is de opmerkelijke groei die gastouderopvang doormaakt: in januari 2006 vormde gastouderopvang zo’n 10% van de totale formele kinderopvang, in januari van dit jaar is dat percentage gestegen naar zo’n 13 %. Voor meer ouders vormt deze kleinschalige en huiselijke vorm van opvang een aantrekkelijke optie.

    Het toezicht op de opvang door de gastouder is de verantwoordelijkheid van het gastouderbureau. De GGD toetst vervolgens of het gastouderbureau zijn verantwoordelijkheid goed invult. Wanneer de GGD twijfels heeft en van het gastouderbureau zelf onvoldoende informatie krijgt, kan de GGD-inspecteur een inspectie uitvoeren in de opvangwoning.

    Nu steeds meer commercieel georiënteerde ondernemingen zich (landelijk) met gastouderopvang bezig houden groeit de zorg om kwalitatief goede opvang, met name vanuit de sector zelf. De roep om strengere kwaliteitseisen wordt steeds vaker gehoord.

    Ook de overheid is niet doof voor de kritiek. Aan het fundament van de systematiek wordt niet gesleuteld. Het ministerie van OCW gaat echter wel in overleg met GGD Nederland bekijken of de werkinstructies kunnen worden aangescherpt om met slimmere vragen de gastouderbureaus beter te kunnen toetsen op een voldoende invulling van hun verantwoordelijkheden. Zo proberen het veld en de overheid samen de basiskwaliteit van gastouderopvang blijvend te waarborgen.

    Geen buitenschoolse opvang voor 20.000 kinderen

    DEN HAAG - Op dit moment staan ongeveer 20.000 kinderen op de wachtlijst voor opvang buiten de lesuren op hun basisschool. Dat blijkt uit een rapport van de Taskforce Buitenschoolse Opvang.

    Volgens de werkgroep bedraagt de wachttijd voor deze kinderen gemiddeld ruim een half jaar. De wachtlijst is ontstaan ondanks een recordgroei van het aantal plaatsen voor buitenschoolse opvang. Eind dit jaar zal het aantal plekken 20 procent hoger liggen dan eind 2006.

    De werkgroep adviseert ouders van wachtende kinderen om opvang op woensdag en vrijdag te kiezen. Op deze dagen zit de buitenschoolse opvang vaak niet vol.



    Geen opvang voor tienduizend kinderen

    Tienduizend kinderen kunnen komend schooljaar niet terecht bij de buitenschoolse opvang. Alle basisscholen in Nederland moeten vanaf volgende week tussen 07.30 uur en 18.30 uur opvang aanbieden als ouders daarom vragen.

    Buiten de boot

    Vooral door een gebrek aan ruimte vallen tienduizend kinderen buiten de boot, stelt de Belangenvereniging van ouders in de kinderopvang (BOink) zaterdag in de Volkskrant. Vooral in vinexwijken en de grote steden zou het probleem groot zijn. In Amsterdam zouden 2.500 kinderen op een wachtlijst staan. Veel scholen besteden de opvang uit aan externe kinderopvang, maar die kampen hierdoor met ruimte- en personeelsgebrek. Sommige scholen plaatsen keten op het schoolplein.

    Wachtlijst

    Brancheorganisatie MO-Groep zegt in de krant dat dertien procent van de aangemelde scholieren op een wachtlijst staat. Een woordvoerder schat het aantal op enkele duizenden. Volgens de MO-Groep wordt het probleem vooral veroorzaakt doordat gemeenten niet meewerken. Ook zouden scholen niet op tijd in actie komen. "Zij zitten waarschijnlijk niet te wachten op een grotere rol in de opvoeding. Dat vertraagt", zegt de woordvoerder.

    'Vluggertje'

    De Algemenen Vereniging Schoolleiders zegt in een reactie dat zijn leden het maximale hebben gedaan. "Maar zoiets red je gewoon niet in een jaar." Hij verwijt de politiek een 'vluggertje'. Staatssecretaris van Onderwijs Sharon Dijksma (PvdA) heeft een taskforce in het leven geroepen die bekijkt wat de oorzaken zijn van de groeiende wachtlijsten en welke initiatieven op lokaal niveau worden ondernomen. De werkgroep komt voor Prinsjesdag met concrete aanbevelingen.

    Bron: Nu.nl

    Minimumloon per 1 juli 2007 met 1,25 procent omhoog

    Wettelijk bruto minimumloon voor werknemers van 23 jaar en ouder
    Bij een volledigdienstverband per 1 juli 2007 (in euro’s)


    per maand euro 1317,00
    per week euro   303,90
    per dag euro     60,78


    Wettelijke bruto minimumjeugdlonen per 1 juli 2007 (in euro’s)
    Leeftijd % van het minimumloon Per maand  Per week  Per dag 
    22 jaar   85% 1119,45 258,35  51,67
    21 jaar   72.5% 954,85 220,35 44,07
    20 jaar   61.5% 809,95 186,90  37,38
    19 jaar   52.5% 691,45 159,55  31,91
    18 jaar   45.5% 599,25 138,30  27,66
    17 jaar   39.5% 520,20 120,05  24,01
    16 jaar   34.5% 454,35 104,85  20,97
    15 jaar   30% 395,10 91,20 18,24


    Geen Opgaaf kinderopvangtoeslag 2006 meer

    Als u kinderopvangtoeslag ontvangt, dan ontvangt u van ons geen verzoek meer om een Opgaaf tegemoetkoming kinderopvang in te vullen zoals voor kinderopvangtoeslag 2005. Toen kon u door middel van de opgaaf, de zogenaamde opgaaf kinderopvangtoeslag, aangeven hoeveel uur kinderopvang u in het afgelopen jaar daadwerkelijk kinderopvang had genoten, welk inkomen u had enzovoort.

    Nu wordt van u verwacht dat u zelf het initiatief neemt om een gewijzigde situatie aan ons door te geven. Dus iedereen die in 2006 een wijziging heeft gehad in de aangevraagde toeslag en dat nog niet aan ons heeft doorgegeven, moet dat alsnog doen. Hiermee voorkomt u straks een foutieve definitieve berekening over 2006. Deze definitieve berekening ontvangt u in de loop van 2007.

    Is er over 2006 iets gewijzigd aan uw situatie, dan kunt u dat met terugwerkende kracht aan ons doorgeven met het Aanvraag- en wijzigingsprogramma kinderopvangtoeslag 2006. U kunt dit programma downloaden. U kunt wijzigingen ook op papier doorgeven. U kunt hiervoor een formulier bestellen bij de Belastingdienst 0800 – 0543


    Minister De Geus: Kinderopvang volwassen geworden

    Met de verplichte werkgeversbijdrage per 1 januari zorgt de overheid voor een solide basis in de kinderopvang. Daarmee is de kinderopvang volgens minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, volwassen geworden: beter betaalbaar en gemakkelijker geregeld. ‘Nu is het zaak voor de kinderopvangorganisaties om ook de kwaliteit blijvend op een hoog peil te houden’. De Geus zei dit in Amsterdam bij de bekendmaking van de manager van het jaar in de kinderopvang.

    Daar gaf de minister ook het startsein voor de voorlichting over de verplichte werkgeversbijdrage per 1 januari 2007. De financiële kant van kinderopvang wordt vanaf dat moment een stuk eenvoudiger. Ouders hoeven namelijk dan geen aparte werkgeversbijdrage meer bij twee werkgevers aan te vragen. Net als de huidige kinderopvangtoeslag zal de bijdrage door de Belastingdienst worden uitbetaald. Dat betekent ook dat kinderopvang voor ouders die nu geen of een onvolledige werkgeversbijdrage ontvangen goedkoper wordt.

    De voorlichtingscampagne richt zich behalve op ouders ook op werkgevers, ondernemingsraden, vakbonden en kinderopvangorganisaties. Zo is ondermeer een e-card ontwikkeld waarmee kaarten kunnen worden verstuurd met daarin de tip dat kinderopvang beter betaalbaar wordt en dat kinderopvang vanaf 1 januari gemakkelijker te regelen is. Ook komen er artikelen en advertenties in diverse media. Ook de Belastingdienst zal werknemers en werkgevers voorlichten.


    Kinderopvang voor tachtig procent gezinnen goedkoper

    De kinderopvang wordt in 2007 voor tachtig procent van de ouders die gebruik maken van opvang aanmerkelijk goedkoper. Het kabinet trekt in 2007 125 miljoen euro extra uit voor kinderopvang. Hierdoor dalen bijvoorbeeld de kosten voor gezinnen van anderhalf keer modaal (45.000 euro) met twee kinderen die drie dagen naar het kinderdagverblijf gaan met 700 euro per jaar. Voor een gezin met evenveel kinderopvang en een gezinsinkomen van drie keer modaal (90.000 euro) dalen de kosten met 1300 euro per jaar. Als deze gezinnen nu nog geen bijdrage van de werkgever krijgen, kunnen zij door de verplichte werkgeversbijdrage vanaf volgend jaar rekenen op een extra kostendaling. Het gezin met een belastbaar inkomen van anderhalf keer modaal gaat er dan nog eens 2200 euro per jaar op vooruit. Een gezin met een inkomen van drie keer modaal gaat er 5500 euro extra per jaar op vooruit. Dit staat in het overzicht dat het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid deze week naar organisaties voor kinderopvang stuurt.

    Verder komen ook ouders met een gezamenlijk inkomen tot ruim 130.000 euro per jaar in aanmerking voor een kinderopvangtoeslag voor het eerste kind. In 2006 lag de bovengrens hiervoor op ruim 96.000 euro per jaar.


    Minister De Geus: Wet kinderopvang staat als een huis

    De Wet kinderopvang staat als een huis. Dat zei minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bij de opening van het kinderdagverblijf De Kikker in Utrecht.'Er is wederom meer geld beschikbaar waardoor de ouderbijdrage verder omlaag kan. De verplichte werkgeversbijdrage per 1 januari en de centrale inning daarvan door de Belastingdienst maakt de wet bovendien een stuk minder ingewikkeld', aldus minister De Geus.

    Ouders met een laag inkomen betalen dit jaar 33 cent per uur voor het eerste kind en 19 cent voor het tweede kind. Het bedrag loopt op naarmate het inkomen hoger is tot respectievelijk 3,06 euro en 45 cent per uur bij een inkomen van driekeer modaal. Ook de wachtlijsten in de kinderopvang zijn inmiddels weggewerkt. De afgelopen vijftien jaar is de capaciteit in de kinderopvang verdubbeld van 20.000 naar 200.000 plaatsen.


    125 miljoen extra voor kinderopvang

    In 2007 komt er 125 miljoen euro extra voor kinderopvang. De totale bijdrage van het kabinet komt hiermee op meer dan 1 miljard euro. Voor 80 procent van de gezinnen die gebruikmaken van kinderopvang betekent dit een flinke kostenbesparing. Vooral de midden- en hogere inkomens gaan erop vooruit.


    Nieuwe regeling "diensten aan huis"

    Particulieren die voor maximaal drie dagen per week een hulp nemen voor werk in en rondom het huis worden vrijgesteld van het afdragen van premies en loonbelasting

    Het kabinet heeft dit besloten op voorstel van de staatssecretarissen Wijn en Van Hoof van respectievelijk Financiën en Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Het kabinet wil met de nieuwe ‘regeling dienstverlening aan huis’ de markt van persoonlijke dienstverlening stimuleren.

    Onder de regeling vallen werkzaamheden die in en rondom de woning van een opdrachtgever plaatsvinden. Te denken valt aan hulp in de huishouding, tuinonderhoud, oppassen en verzorging van huisdieren. Voor huishoudhulpen geldt nu al de zogenoemde ‘huishoudhulpregeling’ waarbij de opdrachtgever geen premies en loonbelasting hoeft af te dragen als de hulp maximaal twee dagen per week werkt. Deze regeling wordt vervangen door de ruimere ‘regeling dienstverlening aan huis’. Veel mensen denken dat ze iemand zwart laten werken omdat ze niets opgeven bij de belastingdienst. Dit is niet het geval omdat de opdrachtgever geen opgaveplicht heeft.

    Doordat opdrachtgevers voor de ingeleende hulp geen premies betalen, zijn de werknemers goedkoper. Ook hebben opdrachtgevers geen administratieve rompslomp. De hulp mag voor meerdere opdrachtgevers werken zonder dat deze premies en loonbelasting moeten afdragen. Degene die de dienst verricht is wel gewoon inkomstenbelastingplichtig.


    Maximum uurtarieven kinderopvang 2007

    De overheidsbijdrage aan de kosten van kinderopvang geldt tot een bepaald uurtarief. Is het tarief hoger, dan moeten ouders het verschil zelf bijbetalen. De maximum uurtarieven voor kinderopvang in 2007:

    - Bij dagopvang en gastouderopvang van kinderen van 0-4 jaar: 5,86 euro.

    - Bij buitenschoolse opvang en gastouderopvang van kinderen van 4-12 jaar: 6,02 euro.

    Bron: Ministerie van SZW 24-7-2006


    Minister De Geus: Kinderopvang volwassen geworden

    Met de verplichte werkgeversbijdrage per 1 januari zorgt de overheid voor een solide basis in de kinderopvang. Daarmee is de kinderopvang volgens minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, volwassen geworden: beter betaalbaar en gemakkelijker geregeld. ‘Nu is het zaak voor de kinderopvangorganisaties om ook de kwaliteit blijvend op een hoog peil te houden’. De Geus zei dit in Amsterdam bij de bekendmaking van de manager van het jaar in de kinderopvang.

    Daar gaf de minister ook het startsein voor de voorlichting over de verplichte werkgeversbijdrage per 1 januari 2007. De financiële kant van kinderopvang wordt vanaf dat moment een stuk eenvoudiger. Ouders hoeven namelijk dan geen aparte werkgeversbijdrage meer bij twee werkgevers aan te vragen. Net als de huidige kinderopvangtoeslag zal de bijdrage door de Belastingdienst worden uitbetaald. Dat betekent ook dat kinderopvang voor ouders die nu geen of een onvolledige werkgeversbijdrage ontvangen goedkoper wordt.

    De voorlichtingscampagne richt zich behalve op ouders ook op werkgevers, ondernemingsraden, vakbonden en kinderopvangorganisaties. Zo is ondermeer een e-card ontwikkeld waarmee kaarten kunnen worden verstuurd met daarin de tip dat kinderopvang beter betaalbaar wordt en dat kinderopvang vanaf 1 januari gemakkelijker te regelen is. Ook komen er artikelen en advertenties in diverse media. Ook de Belastingdienst zal werknemers en werkgevers voorlichten.


    Kinderopvang voor tachtig procent gezinnen goedkoper

    De kinderopvang wordt in 2007 voor tachtig procent van de ouders die gebruik maken van opvang aanmerkelijk goedkoper. Het kabinet trekt in 2007 125 miljoen euro extra uit voor kinderopvang. Hierdoor dalen bijvoorbeeld de kosten voor gezinnen van anderhalf keer modaal (45.000 euro) met twee kinderen die drie dagen naar het kinderdagverblijf gaan met 700 euro per jaar. Voor een gezin met evenveel kinderopvang en een gezinsinkomen van drie keer modaal (90.000 euro) dalen de kosten met 1300 euro per jaar. Als deze gezinnen nu nog geen bijdrage van de werkgever krijgen, kunnen zij door de verplichte werkgeversbijdrage vanaf volgend jaar rekenen op een extra kostendaling. Het gezin met een belastbaar inkomen van anderhalf keer modaal gaat er dan nog eens 2200 euro per jaar op vooruit. Een gezin met een inkomen van drie keer modaal gaat er 5500 euro extra per jaar op vooruit. Dit staat in het overzicht dat het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid deze week naar organisaties voor kinderopvang stuurt.

    Verder komen ook ouders met een gezamenlijk inkomen tot ruim 130.000 euro per jaar in aanmerking voor een kinderopvangtoeslag voor het eerste kind. In 2006 lag de bovengrens hiervoor op ruim 96.000 euro per jaar.


    Minister De Geus: Wet kinderopvang staat als een huis

    De Wet kinderopvang staat als een huis. Dat zei minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bij de opening van het kinderdagverblijf De Kikker in Utrecht.'Er is wederom meer geld beschikbaar waardoor de ouderbijdrage verder omlaag kan. De verplichte werkgeversbijdrage per 1 januari en de centrale inning daarvan door de Belastingdienst maakt de wet bovendien een stuk minder ingewikkeld', aldus minister De Geus.

    Ouders met een laag inkomen betalen dit jaar 33 cent per uur voor het eerste kind en 19 cent voor het tweede kind. Het bedrag loopt op naarmate het inkomen hoger is tot respectievelijk 3,06 euro en 45 cent per uur bij een inkomen van driekeer modaal. Ook de wachtlijsten in de kinderopvang zijn inmiddels weggewerkt. De afgelopen vijftien jaar is de capaciteit in de kinderopvang verdubbeld van 20.000 naar 200.000 plaatsen.


    125 miljoen extra voor kinderopvang

    In 2007 komt er 125 miljoen euro extra voor kinderopvang. De totale bijdrage van het kabinet komt hiermee op meer dan 1 miljard euro. Voor 80 procent van de gezinnen die gebruikmaken van kinderopvang betekent dit een flinke kostenbesparing. Vooral de midden- en hogere inkomens gaan erop vooruit.


    Nieuwe regeling "diensten aan huis"

    Particulieren die voor maximaal drie dagen per week een hulp nemen voor werk in en rondom het huis worden vrijgesteld van het afdragen van premies en loonbelasting

    Het kabinet heeft dit besloten op voorstel van de staatssecretarissen Wijn en Van Hoof van respectievelijk Financiën en Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Het kabinet wil met de nieuwe ‘regeling dienstverlening aan huis’ de markt van persoonlijke dienstverlening stimuleren.

    Onder de regeling vallen werkzaamheden die in en rondom de woning van een opdrachtgever plaatsvinden. Te denken valt aan hulp in de huishouding, tuinonderhoud, oppassen en verzorging van huisdieren. Voor huishoudhulpen geldt nu al de zogenoemde ‘huishoudhulpregeling’ waarbij de opdrachtgever geen premies en loonbelasting hoeft af te dragen als de hulp maximaal twee dagen per week werkt. Deze regeling wordt vervangen door de ruimere ‘regeling dienstverlening aan huis’. Veel mensen denken dat ze iemand zwart laten werken omdat ze niets opgeven bij de belastingdienst. Dit is niet het geval omdat de opdrachtgever geen opgaveplicht heeft.

    Doordat opdrachtgevers voor de ingeleende hulp geen premies betalen, zijn de werknemers goedkoper. Ook hebben opdrachtgevers geen administratieve rompslomp. De hulp mag voor meerdere opdrachtgevers werken zonder dat deze premies en loonbelasting moeten afdragen. Degene die de dienst verricht is wel gewoon inkomstenbelastingplichtig.


    Maximum uurtarieven kinderopvang 2007

    De overheidsbijdrage aan de kosten van kinderopvang geldt tot een bepaald uurtarief. Is het tarief hoger, dan moeten ouders het verschil zelf bijbetalen. De maximum uurtarieven voor kinderopvang in 2007:

    - Bij dagopvang en gastouderopvang van kinderen van 0-4 jaar: 5,86 euro.

    - Bij buitenschoolse opvang en gastouderopvang van kinderen van 4-12 jaar: 6,02 euro.

    Bron: Ministerie van SZW 24-7-2006


    Minimumloon per 1 juli 2006 met 0,94 procent omhoog

    De brutobedragen van het wettelijk minimumloon en het minimumjeugdloon stijgen per 1 juli 2006 met 0,94 procent in vergelijking met 1 januari 2006. Dit is het gevolg van de aanpassing van het wettelijk minimumloon aan de gemiddelde ontwikkeling van de CAO-lonen. Op 1 januari 2007 volgt een halfjaarlijkse aanpassing



    Financieel voordeel ouders door verplichte werkgeversbijdrage kinderopvang

    Als de werkgeversbijdrage kinderopvang per 1 januari 2007 verplicht wordt kunnen ouders er zeker van zijn dat ze voldoende tegemoetkoming krijgen in hun kosten. Dat voordeel kan oplopen tot enkele honderden euro's per maand. Dat zei minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid op een bijeenkomst van SKON Kinderopvang in Den Haag.

    Het voordeel kan bij een gezinsinkomen van anderhalf modaal (45.000 euro) bij twee kinderen die drie dagen naar de dagopvang gaan, oplopen tot ruim 2200 euro op jaarbasis. Wat neerkomt op zo'n kleine 200 euro minder kosten per maand. Eenzelfde gezin, maar dan met een gezinsinkomen van 2 keer modaal (ongeveer 60 duizend euro per jaar) gaat dan ruim 3500 per jaar minder betalen. Dat scheelt toch gauw zo'n 300 euro per maand.

    De ministerraad ging afgelopen vrijdag akkoord met deze verplichte werkgeversbijdrage. Nu wordt een werkgeversbijdrage nog verleend op grond van afspraken tussen werkgevers en werknemers. In die gevallen waar de werkgever niet meebetaalt kunnen ouders in de huidige situatie in aanmerking komen voor een gedeeltelijke, inkomensafhankelijke compensatie van de overheid.

    In de Wet kinderopvang in 2005 is destijds vastgelegd dat alle partijen gezamenlijk de kosten voor kinderopvang betalen. Dit zou in 2008 voor 90 procent van alle werknemers moeten zijn geregeld. Uit recent onderzoek blijkt echter dat momenteel ruim eenderde van alle werknemers onvoldoende of geen bijdrage voor kinderopvang van hun werkgever krijgen. Daarom heeft het kabinet besloten per 1 januari 2007 de werkgeversbijdrage verplicht te stellen. Die bijdrage zal worden geïnd via een verhoging van het werkgeversdeel van de WW-premie. De lasten voor werkgevers zullen echter niet toenemen omdat ook winstbelasting voor bedrijven tegelijkertijd wordt verlaagd. Bovendien zijn de werkgevers (en ouders) zo veel administratieve rompslomp kwijt.

    Volgens minister De Geus is kinderopvang voor ouders nog nooit zo goedkoop geweest als nu. De minister zei dit tijdens de uitreiking van het eerste (vernieuwde) HKZ-kwaliteitscertificaat aan kinderopvangorganisatie SKON. Het certificaat is een waarborg voor professionaliteit, veiligheid en gezondheid in de kinderdagverblijven van SKON.



    Een op de drie werknemers krijgt geen volwaardige werkgeversbijdrage kinderopvang

    Ruim eenderde (35,3 procent) van alle werknemers krijgt onvoldoende of geen bijdrage voor kinderopvang van hun werkgever. Dit blijkt uit een onderzoek naar de werkgeversbijdragen in de kosten voor kinderopvang. De meting is in mei uitgevoerd in opdracht van minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

    In de Wet kinderopvang in 2005 is vastgelegd dat ouders, overheid en werkgevers ieder eenderde deel van de kosten voor kinderopvang betalen. Met werkgevers- en werknemersorganisaties is toen afgesproken dat in 2008 90 procent van alle werknemers eenderde deel van de kosten voor kinderopvang voor kinderen van 0 tot en met 12 jaar van hun werkgevers vergoed krijgen. Dat betekent dat beide ouders van hun werkgever ieder een zesde deel van de kosten betaald krijgen. Op basis van de meting acht minister De Geus het onwaarschijnlijk dat dit streefcijfer gehaald wordt en stelt hij voor om per 1 januari 2007 een verplichte werkgeversbijdrage in te voeren. De minister bespreekt de onderzoeksresultaten volgende week met de sociale partners in de Stichting van de Arbeid en vervolgens in het kabinet.

    De verplichte werkgeversbijdrage zal worden geïnd via een verhoging van het werkgeversdeel van de WW-premie. De lasten voor werkgevers zullen echter niet toenemen omdat het kabinet van plan is de winstbelasting voor bedrijven te verlagen.

    De verplichte werkgeversbijdrage maakt het voor ouders niet alleen goedkoper maar ook een stuk eenvoudiger. Om een bijdrage in de kosten voor kinderopvang te krijgen, hoeven zij alleen nog maar een aanvraag bij de Belastingdienst in te dienen.

    Uit het onderzoek blijkt verder dat 72,5 procent van de werknemers die onder een CAO valt een volwaardige regeling heeft. Ruim een kwart (27,8 procent) van de CAO-werknemers heeft een onvolwaardige of geen regeling. Van de werknemers zonder CAO heeft 34,5 procent een volwaardige regeling. Meer dan de helft (52,5 procent) van de niet-CAO-werknemers heeft helemaal geen regeling.



    Werkgevers worden verplicht mee te betalen aan kinderopvang vanaf 2007

    Dit is goed nieuws na een lange en intensieve lobby van de MOgroep voor verplichte werkgeversbijdrage. Voor ouders betekent dit meer zekerheid en minder administratieve rompslomp. Voor de kinderopvangbranche betekent dit verbeterde toegankelijkheid.

    Gisteren heeft Minister De Geus bekendgemaakt dat er in 2007 een verplichte werkgeversbijdrage voor kinderopvang komt. Uit onderzoek naar de ontwikkeling van de werkgeversbijdrage blijkt dat ruim eenderde van de werknemers geen volledige bijdrage van zijn werkgever krijgt voor de kosten van de dagopvang en naschoolse opvang. De werkgeversbijdrage wordt in 2007 geïnd via een verhoging van de WW premie. Ouders ontvangen de werkgeversbijdrage via de kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst.

    De MOgroep pleit al langere tijd bij de Minister en de politiek voor een verplichte werkgeversbijdrage om de toegankelijkheid van kinderopvang te verbeteren. Zo wordt de administratieve rompslomp voor ouders sterk teruggebracht en gaan ook veel ouders met een tekortschietende werkgeversbijdrage er in financiële zin op vooruit. Voor gezinnen kan het voordeel (afhankelijk van het gezinsinkomen) oplopen tot enkele honderden euro’s per maand.



    Dienstverlening aan huis

    Beste allemaal,

    Vandaag hebben collega Henk van Hoof van SZW en ik het groene licht gekregen van de collega’s om te gaan werken aan een wetswijziging: de wet “Dienstverlening aan huis”.

    Nog dit jaar gaan we die indienen. Op dit moment twijfelen veel mensen als ze bijvoorbeeld een hulp voor de huishouding hebben of dat zwart werk is, of niet. Daarom kiezen mensen er nu soms voor om dit soort werk zelf te (blijven) doen, of voelen ze zich een beetje gegeneerd. Er is namelijk meer belastingmoraal dan we vaak denken.

    Wanneer moet je als opdrachtgever wel het sofi-nummer weten, een kopie van het paspoort maken en bewaren, een loonbelastingverklaring laten invullen, belastingen betalen of bijvoorbeeld WAO-premies inhouden, etc? Daarover gaan we nu duidelijke regels vaststellen.

    De kern van het voorstel is: de opdrachtgever hoeft zich in die gevallen niet bezig te houden met de vraag of alles wel “wit” is. De opdrachtgever heeft geen gedoe. Ook hoeft de opdrachtgever geen premies te betalen. Kortom, inhuren van dienstverlening aan huis wordt erg aantrekkelijk.

    Als de wet het haalt, geldt het volgende: Als je iemand voor “dienstverlening aan huis” inhuurt, hoef je dus straks niets meer te doen als die persoon maximaal drie dagen per week bij je werkt.

    Dit natuurlijk wel met een beetje gezond verstand want ook het uurloon moet binnen normale proporties blijven. Het uurbedrag moet bijvoorbeeld voldoen aan de Wet op het Minimumloon (voor een volwassene is dat 8,99 per uur, voor een vijftienjarige 2,70 euro). Wordt het uurloon een paar tientjes, dan kun je ervan uitgaan dat je niet met een particulier maar met een ondernemer van doen hebt.

    We gaan de regeling breed maken. Dus niet alleen “de witte werkster”. Hetzelfde geldt voor iemand die de hond uitlaat, de auto wast, boodschappen doet, het gras komt maaien of op de kinderen past.

    Degene die de dienst verleent, moet zijn inkomsten natuurlijk wel bij de Belastingdienst melden. Over het algemeen betaal je pas echt belastingen en premies vanaf een jaarinkomen van zeg 6.000 euro. Dat is per persoon wel verschillend en bijvoorbeeld afhankelijk van overdracht van zogenoemde heffingskortingen aan je partner of je vermogen.

    Controle op zwart werk in de huishouding is en blijft natuurlijk weerbarstig. Een belastinginspecteur zal (anders dan bijstandscontroleurs) niet zo snel op huisbezoek gaan. De Belastingdienst houdt wel andere signalen in de gaten, zoals plotselinge inkomsten op bankrekeningen of bijvoorbeeld geluiden van bedrijven die oneerlijke concurrentie wordt aangedaan.

    In een land met een goede sociale zekerheid is witte arbeid altijd duurder dan zwart werk. Dus je houdt daar altijd een spanningsveld. Dat is de terechte prijs van een sociaal land. Want we willen die sociale zekerheid wel overeind houden. Maar we moeten wel duidelijker zijn bij wie de verantwoordelijkheid voor dat spanningsveld ligt. De overheid en de dienstverlener zelf zijn verantwoordelijk, niet de opdrachtgever.

    De wet Dienstverlening aan huis, moet een cultuuromslag creëren. Mensen zullen eerder werk uitbesteden dat ze nu nog zelf doen. We hebben in Nederland de neiging om alles in en om het huis zelf persé zelf te willen doen. We denken bijvoorbeeld het zelf beter te kunnen of het er-wel-even-bij te doen. Terwijl uitbesteden voor iemand met een drukke baan en/of andere drukke bezigheden best efficiënter zou kunnen zijn. Niet eerst je overhemd strijken voordat je naar je werk gaat. Bij thuiskomst een volle ijskast aantreffen, is ook wel lekker.

    Meer mensen zullen dit soort diensten gaan aanbieden. De groep aan –wat wij in Haags jargon noemen:- de onderkant van de arbeidsmarkt kan actiever worden. Ik zie dit als een step up naar een baan in loondienst of bijvoorbeeld richting een eigen bedrijf. Bijvoorbeeld: iemand die eerst in een huis de hond uitlaat, kan dit uitbreiden tot een professionele hondenuitlaatservice. Zo stimuleer je ondernemingszin, bijvoorbeeld bij allochtonen. Vrouwen die werken en gezin willen combineren, kunnen op deze manier flexibel aan de slag.

    Tot slot nog een nieuwtje. Deze week werd bekend dat het ASN-Novib Fonds wordt gesloten “wegens overweldigend fiscaal succes”. Het fonds verstrekt zogenaamde micro-kredieten aan kleine bedrijfjes in ontwikkelingslanden. Door de fiscale voordelen voor “sociaal en ethisch beleggen” zijn alle projecten gefinancierd!! Fiscale prikkels kunnen dus werken!

    We hopen dat de nieuwe prikkels voor Dienstverlening aan huis een zelfde effect hebben. Zodat iedereen én fit én met een fris gestreken overhemd de dag begint. En meer mensen aan het werk kunnen!

    Met hartelijke groeten,

    Joop Wijn (Ministerie van Financien, Weblog 9 juni 2006)



    Hulp in en rond huis wordt goedkoper

    DEN HAAG - Als particulieren maximaal drie dagen in de week een werkster, tuinman of oppas inhuren, hoeven ze daarover geen belasting en premies te betalen. Op die manier wil het kabinet de hulp voor werk in en rondom het huis meer uit het zwarte circuit halen. Dat is vrijdag besloten op voorstel van de staatsecretarissen Henk van Hoof (Sociale Zaken) en Joop Wijn (Financiën).

    Momenteel geldt er al een regeling voor hulp in de huishouding, waarbij geen premies of loonbelasting betaald hoeft te worden als de hulp niet meer dan twee dagen per week wordt ingehuurd. Maar volgens de Tweede Kamer moest de markt voor de persoonlijke dienstverlening meer worden gestimuleerd, omdat er nog steeds veel zwart wordt gewerkt en ook banen aan de onderkant van de arbeidsmarkt nodig zijn.

    Wijn hoopt dat de Wet dienstverlening aan huis zorgt voor een cultuuromslag en dat mensen meer werk gaan uitbesteden. Hij schrijft vrijdag op zijn weblog: „We hebben in Nederland de neiging om alles in en om het huis per se zelf te willen doen. We denken bijvoorbeeld het zelf beter te kunnen of het er-wel-even-bij te doen.”

    Dat is volgens de bewindsman voor iemand met een drukke baan en andere bezigheden niet efficiënt. Bovendien kan volgens hem werkervaring in de huishoudelijke dienstverlening voor veel mensen een opstap zijn naar een baan in loondienst of een eigen bedrijf. „Iemand die eerst de hond uitlaat, kan dit uitbreiden tot een professionele hondenuitlaatservice.” Ook kunnen vrouwen die werken en gezin willen combineren, op deze manier flexibel aan de slag.

    Wijn wijst er nog wel op dat degene die de diensten verlenen, inkomsten „natuurlijk” bij de Belastingdienst moeten melden. Ook pleit hij voor „een beetje gezond verstand, want ook het uurloon moet binnen normale proporties blijven”. Zo moet het uurloon voldoen aan de Wet op het minimum(jeugd)loon. „Wordt het uurloon een paar tientjes, dan kun je ervan uitgaan dat je niet met een particulier maar met een ondernemer van doen hebt.” (Telegraaf, 9 juni 2006)



    Minister De Geus verwacht toename gebruik kinderopvang

    Minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid verwacht dat het extra geld dat het kabinet dit jaar in de kinderopvang stopt, zal leiden tot een toename van het gebruik van de opvang. Kinderopvang wordt daardoor voor alle inkomensgroepen goedkoper dan vóór de invoering van de Wet kinderopvang in 2005. Daarbij komt dat de economie zich herstelt en de werkgelegenheid weer groeit. Momenteel krijgt hij signalen van ondernemers in de kinderopvang van een aantrekkende vraag.

    Dit schrijft de bewindsman in een brief die hij aan de Tweede Kamer heeft gestuurd bij een tweetal onderzoekrapporten (van onderzoeksbureau Vyvoj en het Sociaal Cultureel Planbureau) over kinderopvang.

    Uit het Vyvoj-onderzoek blijkt dat het merendeel van de ouders (85 procent) na de invoering van de Wet kinderopvang op 1 januari 2005 evenveel van de opvang gebruik maakte als daarvoor. 7,5 procent maakte minder gebruik en 6 procent stopte het gebruik. Bij 1,4 procent nam het gebruik juist toe. Deze toename trad vooral op bij ouders in de laagste inkomensklassen. Juist voor deze groep is kinderopvang vorig jaar goedkoper geworden. Voor mensen uit midden- en hogere inkomensklassen werd de kinderopvang van 2004 op 2005 duurder. Van de 200 miljoen euro die het kabinet dit jaar extra voor de kinderopvang uittrekt, komt het grootste deel terecht bij deze ouders zodat ook voor hen de kinderopvang goedkoper wordt. Per gezin kan het voordeel oplopen tot boven de duizend euro per jaar.

    Naast de overheidsbijdrage is voor de toegankelijkheid van kinderopvang ook van groot belang dat de werkgevers bijdragen, zo schrijft de minister. Halverwege dit jaar wordt bekeken of ze dat inderdaad doen. Als dan blijkt dat niet te verwachten is dat in 2008 minstens 90 procent van de werknemers een volwaardige werkgeversbijdrage (een zesde van de kosten voor alle vormen van kinderopvang) krijgt, wil minister De Geus een wetsvoorstel indienen voor een verplichte werkgeversbijdrage.

    Uit het onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau blijkt dat ouders bij hun beslissing om al dan niet gebruik te maken van formele opvang vooral kijken naar de kwaliteit. Om die te waarborgen heeft minister De Geus eerder al toegezegd het kwaliteitstoezicht te versterken. Om de kwaliteit te bevorderen en het toezicht en de handhaving te versterken is vijf miljoen euro beschikbaar.



    Minister De Geus wil dat ouders meer eisen stellen aan kwaliteit kinderopvang

    Minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vindt dat ouders best meer en hogere eisen mogen stellen aan de kwaliteit, openingstijden en de geboden diensten van de kinderopvang. "Ik reken ook op u ouders. Door de nieuwe Wet kinderopvang bent u klant geworden en kunt u eisen stellen. Steek dus wat vaker uw vinger op. Geef aan wat u wilt. Het feit dat er nu een vrije markt is betekent ook dat u mag vragen", aldus minister De Geus.

    De bewindsman wendde zich tot de ouders op een bijeenkomst in Amsterdam waar de jaarlijkse Managementprijs Kinderopvang werd uitgereikt.

    Minister De Geus maakte verder bekend dat het ministerie van SZW subsidie heeft uitgetrokken voor een project van BOinK, de belangenvereniging van ouders in de kinderopvang, voor de ontwikkeling van een zogenaamde kinderopvangkaart. Hiermee kunnen ouders beter geïnformeerd een weloverwogen en verantwoorde keuze voor een kindercentrum maken. Ook de kindercentra kunnen er hun voordeel mee doen. De Geus verwacht dat een dergelijke kaart de positie van ouders als consument van kinderopvang zal versterken.

    De Stichting Managementprijs Kinderopvang werd in 1999 door managers en adviseurs in de kinderopvang opgericht. Doel van de jaarlijkse prijs is de kwaliteit van het management in de kinderopvang te bevorderen door managers in de kinderopvang die een inspirerend voorbeeld zijn voor hun collega's voor het voetlicht te brengen, aldus de organisatie.



    Extra geld voor kinderopvang gaat vooral naar ouders

    Van de 200 miljoen euro die minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft gereserveerd voor knelpunten in de kinderopvang gaat 165 miljoen naar de ouders. Om de overblijf tussen de middag op de basisschool te verbeteren en te professionaliseren, trekt de minister jaarlijks 30 miljoen euro uit. Voor de bevordering van de kwaliteit van de kinderopvang, versterking en verscherping van het toezicht legt hij 5 miljoen opzij. De Geus heeft dit in een brief aan de Tweede Kamer laten weten.

    Van de 165 miljoen voor de ouders wordt 130 miljoen gebruikt om de tegemoetkoming voor de kinderopvangkosten voor de midden- en hogere inkomens te verhogen. Het voordeel voor de meest voorkomende huishoudtypes ligt in 2005 tussen de 150 en 1800 euro. Zo dalen bijvoorbeeld de kosten voor tweeverdieners die samen twee keer modaal verdienen en twee dagen dagopvang hebben voor twee kinderen volgend jaar met ruim 1200 euro. Tweeverdieners met evenveel opvang maar met samen anderhalf keer modaal betalen 800 euro minder. Voor tweeverdieners met samen modaal gaan de kosten volgend jaar met 260 euro omlaag.

    Het resterende bedrag van 35 miljoen euro wordt in 2006 gereserveerd voor de verdere ontwikkeling van de voor- en naschoolse opvang. Hierdoor kunnen meer ouders hun kinderen gebruik laten maken van deze opvang. Vanaf 2007 is hiervoor jaarlijks 27 miljoen extra beschikbaar.

    Ook werkt minister De Geus aan een plan om iedere ouder die zijn baan verliest vanaf 2007 nog gedurende 6 maanden recht te geven op de tegemoetkoming van het rijk in de kosten voor kinderopvang. Tijdens die periode bestaat dan ook recht op een tegemoetkoming bij een ontbrekende werkgeversbijdrage. Tot nu toe ontvangt iemand die in de WW komt tot het einde van het jaar waarin hij werkloos is geworden tegemoetkoming in de kosten voor kinderopvang. Dat is nadelig voor mensen die aan het einde van het jaar werkloos worden. De Geus trekt hiervoor vanaf 2007 per jaar 8 miljoen euro uit.



    Aantal werknemers met werkgeversbijdrage kinderopvang stijgt licht

    Afgelopen jaar heeft er een lichte stijging plaatsgevonden van het aantal werknemers dat bij hun werkgever een beroep kan doen op een tegemoetkoming in de kosten voor kinderopvang. Door deze lichte stijging van 1 procent heeft nu bijna driekwart van alle werknemers (73,5 procent) bij hun baas een regeling.

    Dit schrijft minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan de Tweede Kamer bij de aanbieding van twee onderzoeken naar afspraken over kinderopvang in CAO’s en in individuele bedrijven.

    In het CAO-onderzoek zijn 317 CAO’s (126 grotere en 191 kleinere) nader bekeken. In 91 procent van de grotere CAO’s staan afspraken over kinderopvang, een stijging van 1 procent. In de helft van de kleinere CAO’s (50 procent) zijn hierover afspraken gemaakt. Vooral het aantal kleinere CAO’s met afspraken over een werkgeversbijdrage blijft stijgen: het afgelopen jaar met 6 procentpunt.

    Aan het onderzoek onder werkgevers naar de bijdrage voor kinderopvang werkten ruim 5.500 bedrijven mee. Het blijkt dat van werknemers die onder een CAO vallen (dat is ongeveer viervijfde deel van alle werknemers) inmiddels 82 procent een afspraak heeft over een werkgeversbijdrage. Voor de niet-CAO werknemers is dat 39,5 procent



    De Geus: controle op kwaliteit kinderopvang wordt verscherpt

    De controles door de GGD op de kwaliteit van de kinderdagverblijven en de handhaving daarvan door de gemeenten worden aangescherpt. Binnenkort bespreekt minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met de gemeenten en de GGD hoe die verscherpte controle het beste vormgegeven kan worden. De minister heeft hiertoe besloten omdat uit onderzoek is gebleken dat de kwaliteit van de kinderopvang de laatste 10 jaar is afgenomen. ‘Ik vind de resultaten van de meting verontrustend’, aldus De Geus.

    Dit schrijft de bewindsman in een aanbiedingsbrief aan de Tweede Kamer bij het onderzoeksrapport ‘Kwaliteit van Nederlandse kinderdagverblijven: Trends in kwaliteit in de jaren 1995-2005’. Een samenwerkingsverband van de universiteiten van Leiden, Nijmegen en Amsterdam heeft met subsidie van het ministerie onderzocht of er in kinderdagverblijven voldoende aandacht is voor het welzijn en de ontwikkeling van kinderen. De onderzoekers concluderen dat de kwaliteit van de dagelijkse praktijk achteruit is gegaan ten opzichte van eerdere peilingen. De waardering die ouders hebben voor de opvang is hier niet onderzocht. Uit recent onderzoek blijkt dat ouders tevreden zijn en blijven over de kwaliteit: ‘Ze geven gemiddeld een 8- aan de opvang’, aldus de minister.

    De Geus gaat verder de komende maand met brancheorganisaties in de kinderopvang overleggen welke acties op korte termijn mogelijk zijn om de kwaliteit van de kindervang te verbeteren. De minister zal hen aanspreken op hun verantwoordelijkheid om de kwaliteit te verbeteren, maar zal daarbij wel ‘de vinger aan de pols houden’.

    Verder wil de minister dat onderzocht wordt wat de oorzaken zijn van de geconstateerde daling. ‘Om de neerwaartse trend te kunnen buigen is het belangrijk de oorzaken te kennen’, schrijft de minister, die erop wijst dat ‘de kwaliteitseisen die de overheid stelt de laatste 10 jaar vrijwel gelijk zijn gebleven’.

    Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid



    Fiscus geeft in 2006 Kinderopvangtoeslag

    In 2006 gaat de bijdrage aan werknemers met kinderen, de tegemoetkoming kinderopvang, van naam veranderen. Per 1 januari 2006 is de nieuwe naam: kinderopvangtoeslag. De Belastingdienst gaat vanaf dat moment ook alle toeslagen uitbetalen, en niet alleen belasting innen. Ook keren zij dan de huurtoeslag (dit heet nu nog: huursubsidie) en de zorgtoeslag uit.

    Bijna alle huishoudens in Nederland (bijna 6 miljoen) krijgen hierdoor met de Belastingdienst te maken. Een apart onderdeel van de Belastingdienst gaat de regelingen uitvoeren: Belastingdienst/Toeslagen. De afdeling heeft een eigen site: www.toeslagen.nl. De campagne start op maandag 15 augustus en loopt door tot eind oktober.

    Wet kinderopvang: samen betalen

    De kinderopvangtoeslag is geregeld in de Wet kinderopvang, die op 1 januari 2005 is ingegaan. Deze wet heeft als doel ervoor te zorgen dat kinderopvang voor iedereen op dezelfde manier geregeld wordt. De wet regelt dat ouders, werkgevers en rijksoverheid de kosten voor kinderopvang samen betalen. De kinderopvangtoeslag is de bijdrage van de rijksoverheid in de kosten van kinderopvang. De hoogte van de kinderopvangtoeslag is onder andere afhankelijk van het inkomen van de werknemer en dat van zijn partner.

    Bron: Week 33 - 15 augustus 2005, HR Rendement



    Deblokkeren spaarloon voor kinderopvang mag nu

    De Eerste Kamer is akkoord en nu is het deblokkeren van spaarloon voor kinderopvangkosten definitief geworden.

    De regeling dat werknemers hun spaarloon mogen deblokkeren voor kinderopvangkosten is in het wetsvoorstel Wet aanpassing fiscale behandeling VUT/prepensioen en introductie levensloopregeling geregeld. Deze bepaling heeft terugwerkende kracht tot 1 januari 2005. Nu heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel onlangs aangenomen en wordt de voortijdige goedkeuring van Wijn vervangen door een wettelijke goedkeuring.


    Voorwaarden
    Nog even de voorwaarden bij het deblokkeren voor de kosten van kinderopvang op een rij:
    • De spaarloonregeling van uw organisatie voorziet in de mogelijkheid om tussentijds te deblokkeren voor de kosten van kinderopvang.
    • Het te deblokkeren bedrag is maximaal 1/6 deel van de aan de werknemer of zijn partner in rekening gebrachte kinderopvangkosten zoals omschreven in de Wet op de loonbelasting.
    • De toelichting op de Uitvoeringsregeling werknemersspaarregelingen en winstdelingsregelingen is op deze deblokkeringmogelijkheid van toepassing.
    • HR Rendement, Week 11 - 14 maart 2005


    Vooral werkgever heeft baat bij nieuwe Wet Kinderopvang

    De nieuwe Wet Kinderopvang is voordelig voor werkgevers. Zij droegen de eerste maanden van 2005 netto 16% minder bij aan kinderopvang dan in dezelfde periode 2004. Het aantal werknemers dat een bijdrage van zijn werkgever kreeg, steeg wel iets.

    Het gemiddeld bedrag dat werknemers van hun werkgever voor kinderopvang ontvangen, daalde met 38%, van ruim € 2.950 naar iets meer dan € 1.800 per jaar. Het is wel zo dat het aantal werknemers dat een werkgeversbijdrage ontving, met 5% steeg. Dat blijkt uit tussentijdse cijfers van het Beloningsonderzoek van De Breed & Partners. De verwachting was dat veel meer mensen gebruik zouden maken van opvangregelingen. De daling van de werkgeversbijdrage staat echter niet in verhouding tot de stijging van het aantal gebruikers van kinderopvangregelingen.

    Minder werkgeversbijdrage

    Het verschil zit vooral in de werkgeversbijdrage door de norm die de Wet kinderopvang (Wk) noemt. De wet gaat ervan uit dat de ouders, de overheid en de beide werkgever van de ouders voor een gelijk deel opdraaien voor de kinderopvangkosten. Voor werkgevers betekent dit dat zij volgens de regeling een zesde deel van de kosten op zich nemen. De bijdrage is echter niet verplicht voor werkgevers. Er zijn dus niet veel bedrijven bijgekomen die nu wél aan kinderopvang doen, terwijl de bedrijven die voorheen veel geld bijdroegen zich nu beperken tot een zesde deel.

    Meldweek kinderopvang

    Ouders kampen sinds de invoering op 1 januari met een enorme administratieve rompslomp. Daarnaast zijn veel mensen met een middeninkomen per maand honderden euro's meer kwijt voor de opvang van hun kroost. Daarom is de FNV Actieweek Kinderopvang gestart. De vakcentrale FNV, de PvdA en de belangenvereniging van ouders in de kinderopvang (Boink) willen dat de Wk zo snel mogelijk wordt aangepast.

    Bron: HR Rendement, Week 24 - 13 juni 2005



    Werkdruk en ziekteverzuim centraal in nieuw Arboconvenant Kinderopvang

    De branche kinderopvang wil het ziekteverzuim de komende twee jaar met 20 procent verminderen. Ook wil de branche het langdurig verzuim en het aantal medewerkers dat last heeft van werkdruk en -stress met 20 procent terugbrengen. Kinderopvangorganisaties krijgen hulp bij het begeleiden van zieke werknemers. Ook komt er een training voor leidinggevenden hoe zij werkdruk en -stress kunnen aanpakken.

    Dit staat in het Arboplusconvenant Kinderopvang dat is ondertekend door staatssecretaris Van Hoof van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de Maatschappelijk Ondernemers Groep (MOgroep), CNV Publieke Zaak en ABVAKABO FNV. Voor de uitvoering van het convenant is in totaal 2,5 miljoen euro beschikbaar. Sociale partners en het ministerie betalen ieder de helft van de kosten.

    Het Arboplusconvenant is een vervolg op het Convenant Arbeidsomstandigheden Kinderopvang. Mede door dit convenant is het verzuim in de sector gedaald van ruim 8 procent in 2000 tot ongeveer 5,5 procent in 2002. Het Arboplusconvenant is bedoeld om dit verzuim verder terug te brengen. Veel werknemers in de sector hebben last van werkdruk en -stress (35 procent). Dit komt voor een belangrijk deel door problemen van personeel met het combineren van werk- en privé-leven. In het nieuwe convenant ligt de nadruk op het aanpakken van ziekteverzuim, hoge werkdruk en stress.

    Onderdeel van de afspraken is de mogelijke invoering van een brancheloket. Organisaties uit de sector kunnen hier aankloppen voor hulp bij de begeleiding van zieke werknemers. Dit kan variëren van het geven van advies tot en met het overnemen van de begeleiding en het weer aan de slag helpen van de zieke. Een andere mogelijkheid is de introductie van praktijkcoaches, die afzonderlijke instellingen gaan bezoeken om oplossingen op het gebied van ziekteverzuim aan te reiken. Onderzocht wordt aan welke vorm van begeleiding de instellingen precies behoefte hebben.

    Daarnaast krijgen leidinggevenden verschillende handreikingen om meer aandacht te besteden aan arbeidsomstandigheden en verzuimbeleid. Zo komt er een werkmap, waarin bijvoorbeeld tips te vinden zijn hoe beter om te gaan met ziekte als gevolg van privé-omstandigheden. Daarnaast komen er trainingen om leidinggevenden te leren wat zij kunnen doen om arbeidsomstandigheden te verbeteren. Het gaat onder andere om trainingen op het gebied van werkdruk en -stress onder medewerkers.

     



     

    .
      Copyright © 1998 - 2009, EigenOppas.nl, onderdeel van Gastouderbureau Babbelina-EigenOppas
    Webdesign Bureau Pixelerate